Met een gehandicaptenparkeerkaart kunt u parkeren op de gehandicaptenparkeerplaatsen in alle EU-landen, Liechtenstein, Noorwegen, IJsland en Zwitserland. U moet zich wel houden aan de lokale parkeerregels.

Er zijn drie soorten kaarten.

Bestuurderskaart

  • U kunt minstens een half jaar niet verder dan 100 meter zelfstandig lopen. Ook niet met hulpmiddelen, zoals een stok of krukken.
  • U kunt zelf auto rijden.

Passagierskaart

  • U kunt minstens een half jaar niet verder dan 100 meter zelfstandig lopen. Ook niet met hulpmiddelen, zoals een stok of krukken.
  • U kunt niet zelf auto rijden. U hebt continu de hulp van een bestuurder nodig.

U kunt ook een combinatie van een bestuurderskaart en een passagierskaart aanvragen. Bijvoorbeeld als u blijvend in een rolstoel zit.

Instellingenkaart

Het bestuur van een instelling waar mensen met een beperking verblijven, kan voor het vervoer van de bewoners een gehandicaptenparkeerkaart aanvragen.

Wat moet ik doen?

U kunt een gehandicaptenparkeerkaart aanvragen bij de gemeente waar u staat ingeschreven. Een medische instantie onderzoekt uw lichamelijke beperking. De gemeente bepaalt welke instantie dit doet.

DigiD linkGehandicaptenparkeerkaart aanvragen

Hoe werkt het?

  • De parkeerkaart staat op naam van een persoon.
  • De parkeerkaart staat niet op kenteken. U kunt de kaart voor elke auto gebruiken.
  • De parkeerkaart is maximaal 5 jaar geldig.

Kosten en voorwaarden

De kosten voor het aanvragen van een gehandicaptenparkeerkaart bedragen € 155,75. De kosten voor het verlengen van een gehandicaptenparkeerkaart bedragen € 29,-.

Er zijn een aantal voorwaarden:

  • De parkeerkaart staat op naam van één persoon.
  • De parkeerkaart staat niet op kenteken. U kunt de kaart voor elke auto gebruiken.
  • De parkeerkaart is maximaal 5 jaar geldig.

Wat moet ik meenemen?

  • Uw geldige identiteitsbewijs
  • Een recente pasfoto die voldoet aan de pasfoto-eisen
  • Bewijs van medisch onderzoek

Parkeren in Bunschoten

In de hieronder genoemde situaties mag (onder voorwaarden) met een gehandicaptenparkeerkaart worden geparkeerd.

Borden E1 en E1 Zone (parkeerverbod en parkeerverbodszone)

Hier mag, buiten de voor parkeren bestemde weggedeelten, tot maximaal drie uur geparkeerd worden. Dit geldt ook voor weggedeelten waar het parkeerverbod is aangegeven door middel van een gele onderbroken streep. In deze gevallen geldt dat naast de gehandicaptenparkeerkaart ook gebruik moet worden gemaakt van een parkeerschijf, waarop de aankomsttijd is aangegeven.

Bord E10 (parkeerschijfzone)

Hier mag ook buiten de vakken zonder tijdslimiet geparkeerd worden. De parkeerschijf hoeft niet te worden gebruikt als de gehandicaptenparkeerkaart zichtbaar in de auto ligt.

Bord G10 (woonerf)

Hier mag tot maximaal drie uur geparkeerd worden buiten de parkeervakken. Naast de gehandicaptenparkeerkaart moet dan ook een parkeerschijf worden gebruikt waarop de aankomsttijd is aangegeven.

Voor alle bovenstaande situaties geldt wel als voorwaarde dat er niet zodanig geparkeerd mag worden dat andere weggebruikers hier hinder of gevaar van ondervinden, bijvoorbeeld op een smalle weg, nabij een voetgangersoversteekplaats of op een kruising.

En op plaatsen voor vergunninghouders dan?

Houders van een gehandicaptenparkeerkaart mogen niet parkeren op parkeerplaatsen die bestemd zijn voor vergunninghouders en binnen parkeerzones voor vergunninghouders (blauw bord met een witte P en de tekst ‘vergunninghouders’). Uiteraard geldt dit niet als men over een vergunning voor de betreffende parkeerplaats of zone beschikt. Vergunninghoudersparkeerplaatsen komen onder meer voor in de Havenstraat, Weikamp, op de Westdijk en in het nieuwe plan Zuyderzee.

Heeft deze informatie u geholpen?